Eerste 30 potentieelscans zorgsector in uitvoering

ziekenhuis
De zorg- en welzijnssector engageert zich, net als de centrale Vlaamse overheid, om jaarlijks 2,09 % minder energie te verbruiken. Het Vlaams Infrastructuurfonds voor Persoonsgebonden Aangelegenheden (VIPA) coördineert en VEB faciliteert. We streven er samen naar om tegen einde 2018 ongeveer 1000 potentieelscans oftewel energieprestatiediagnoses op maat te laten uitvoeren bij zorg- en welzijnsvoorzieningen. VEB besteedt aan en giet de resultaten in een handig en dynamisch stappenplan. Ook voor de maatregelen die uit de analyse volgen, neemt het VEB een faciliterende rol op.

Projectleider energie-efficiëntie Elise: “Het VEB is een logische partner in dit klimaatengagement. Het past volledig in onze ambitie om te ontzorgen. De zorgsector heeft zoveel andere kerntaken waar ze zich meer dan 100% voor inzetten. Energie-efficiëntie zit niet mee in hun ‘core business’, dus dat willen we graag voor hen op een gecoördineerde manier organiseren.”

Klantenverantwoordelijke An: “Het VEB is een one-stop-shop: je kan er niet alleen voor je potentieelscan terecht, ook de vervolgstappen kunnen we organiseren, en we bieden tegelijk energielevering en data aan. Data is voor de sector ook een heel belangrijk. VEB is dus het aanspreekpunt voor alle energie-ambities die de voorzieningen hebben.”

Elise: “We werken tegelijkertijd aan een data-oplossing om de informatie uit die hoeveelheid potentieelscans op een gecoördineerde manier te verzamelen, en gebruiksvriendelijk en bevattelijk te maken.”
“De komende 2 jaar willen we het potentieel in kaart brengen van maar liefst 1000 gebouwen in de zorg- en welzijnsector. In totaal zijn er 6700 gebouwen in het VIPA-netwerk, dus dat is een gigantisch speelveld om energie-efficiëntie op toe te passen. We beginnen met de potentieelscans oftewel energieprestatiediagnoses op maat om dan direct heel actiegericht te zien wat de mogelijk pistes zijn voor uitvoering. Daarbij zoeken we maximaal naar synergieën, waarbij we gelijkaardige maatregelen bij verschillende gebouwen clusteren. We bekijken ook de mogelijkheden om energieprestatiecontracten te faciliteren, voor verschillende voorzieningen samen, of voor één grote voorziening met verschillende gebouwen.”

An: “Binnen de sector zien we een heel gevarieerd patrimonium, van kinderdagverblijven tot complexe ziekenhuizen, onze aanpak is dus op maat van al die verschillende type gebouwen.”

Hoever staan we met de energieprestatiediagnoses?

Elise: “Begin mei werden de eerste energieprestatiediagnoses uitgevoerd bij buitenschoolse kinderopvang Tongerlo, woonzorgcentrum Breugheldal en Jeugdzorg Ter Elst. Ondertussen zijn er 10 uitgevoerd van de eerste 30. Hierbij hanteren we het ‘first come, first served’-principe: de eerste die rond is om de voorbereidende data aan te leveren krijgt een afspraak. Ondertussen is het raamcontract bijna rond, zodat we met een 20-tal studiebureaus tegelijkertijd kunnen werken en veel voorzieningen tegelijk kunnen bedienen.”

Wat na de energieprestatiediagnose?

Elise: De potentieelscans moeten resulteren in actie. De maatregelen die zichzelf binnen de 5 jaar terugbetalen zijn de ‘no-brainers’, er is moeilijk een rationeel argument te vinden om die maatregelen niét uit te voeren. Dus dat wordt dan ook wel verwacht van de voorzieningen. Het hoeft niet allemaal in jaar één te gebeuren, maar er zal wel een tijdsspanne zijn van de komende 8 à 10 jaar, waarvan VIPA verwacht dat de maatregelen met korte terugverdientijd worden uitgevoerd. Tenzij er een heel grondige reden is waarom die niet uitgevoerd kunnen worden. Voor maatregelen die een langere terugverdientijd hebben, dus de iets diepgaandere maatregelen zoals bijvoorbeeld zaken rond de gebouwschil of hernieuwbare energiecapaciteit, stelt VIPA middelen uit het klimaatfonds ter beschikking.”

Het VEB wilt vervolgens de voorzieningen verder ontzorgen door de aanbesteding van de uit te voeren maatregelen op zich te nemen en de uitvoering mee op te volgen.

Elise: “Er zijn te veel studies die in de kast blijven liggen. Wij geven VIPA de garantie dat dat niet het geval gaat zijn. We nemen de voorzieningen bij de hand, als en zolang ze dat zelf willen. Die begeleiding zal op twee verschillende manieren gebeuren: langs de ene kant worden maatregelen geclusterd: we gaan zien hoe we gelijkaardige maatregelen voor verschillende voorzieningen kunnen bundelen en zo voor verschillende voorzieningen tegelijkertijd aanbesteden. Langs de andere kant willen we kijken naar het grotere plaatje, onder de vorm van energieprestatiecontracten. Daarbij werken we aan een set van maatregelen met een energieprestatiegarantie. daarbij zal het VEB de faciliterende rol opnemen.”